Terug naar soorten

Watersnip

Gallinago gallinago Strandlopers

Broedvogel Rode lijst BE|
3jaren
4territoria
2hoogste jaar

2010 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Watersnip
Watersnip Foto: Hobbyfotowiki · CC0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

De Watersnip is een typische snip met zeer lange snavel. Hij heeft opvallende strepen op z'n kop en rug en gebandeerde flanken. Die tekening biedt de snip op de grond uitstekende camouflage. En hij vertrouwd hierop want vliegt pas weg wanneer hij zich van echt dichtbij bedreigd voelt (10-15 m). Deze snip vliegt dan luid roepend en zig-zaggend omhoog en ver weg.

Het is een jaarvogel; onze broedvogels trekken in de winter vooral naar Zuid-Europa en worden dan vervangen door trekkende soortgenoten.

De Watersnip is sterk gebonden aan natte bodems, met een voorkeur voor natte veengrond. Met zijn lange snavel zoekt hij daarin naar voedsel, vooral ongewervelden als wormen, slakken en larven. Als de bodem opdroogt verdwijnt dat voedsel en wordt het bovendien moeilijker om diep in de bodem naar voedsel te peuren. Opdrogende klei krijgt een keiharde toplaag en ook droge veengrond wordt te taai en klinkt in; beide zijn daardoor ongeschikt.

De vochtigheid van de bodem en de daaraan gekoppelde voedselbeschikbaarheid bepalen in hoge mate de geschiktheid als broedgebied. Ook de structuur moet in orde zijn. Watersnippen foerageren én broeden verborgen en ze verlangen niet te korte vegetaties van grassen, zeggen of russen. Belangrijk is de aanwezigheid van kleinschalige mozaïeken met pollen, natte laagtes, greppels, drassige slootkanten en dergelijke. Ze broeden ook in gemaaid rietland. De vochtigheid van de toplaag van de bodem is zó belangrijk, dat die in grote mate bepaalt of en wanneer watersnippen gaan broeden. Zo gaan ze in overstroomd gebied (uiterwaarde, beekdal) pas broeden als het water is gezakt; daardoor kan het best zijn dat ze dan pas in juli tot broeden komen. Watersnippen maken een goed verborgen nest in een kuiltje in de grond, meestal vlakbij water. Het legsel bestaat uit 4 eieren die door het vrouwtje worden uitgebroed. Beide ouders verzorgen de jongen.

Behalve vocale geluiden maakt de Watersnip maakt nog een ander, bijzonder geluid dat tijdens de balts te horen is. Dat wordt voortgebracht door met de gespreide staart onder een steile duikhoek de snelheid te laten oplopen. Lees meer in het blokje 'Het baltsgeluid van de Watersnip' en beluister het onderaan de pagina ('Vogelzang en/of andere geluiden').

Tekst deels gebaseerd op een artikel in Vogelnieuws van jan 2013

Voorkomen

De lange snavel van de Watersnip heeft zachte grond nodig om in te boren. 'Natte' bolwerken, zoals in de Zaanstreek en Noordwest-Overijssel zijn echter zeldzaam geworden. Dat heeft alles te maken met ontwatering. Hierdoor neemt de soort al vele tientallen jaren in aantal af en komt hij in boerenland alleen voor indien het waterpeil kunstmatig hoog gehouden wordt.

De ooit forse Nederlandse broedpopulatie, die rond 1970 mogelijk 10.000 paartjes telde, is gedecimeerd en de soort is verdwenen uit grote delen van het land. In de periode 1998-2000 telt de broedpopulatie 1200-1500 paren (bron: zie vogel.asp r398).

Vogelkenmerken

Schuwe moerassteltloper met lange snavel, foerageert in natte bodem

Ecologische vogelgroepen: Rietvogels (Porseleinhoen-groep, Waterrietvogels); Vogels van pionierbegroeiingen (Fazant-groep); Vogels van open heide (Wulp-groep); Weidevogels (Zomertaling-groep). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van lage vegetatie of lage foerageerhoogte. Gebruik van ondiep moeras met natte vegetatie. Sonderend foerageren met lange snavel in bodem of slik. Gebruik van open water, plassen of watergangen.

Voedsel van volwassen vogels: Waterinsecten en aquatische insectenlarven. kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden Wormen als belangrijke voedselbron. Benthische, slik- en bodemfauna als voedselbron.

Voedsel voor jongen: Waterinsecten en larven als voedsel voor jongen.

Nestplaats en nestbouw: Grondnest. Grondnest verborgen onder vegetatiedekking. Eenvoudig nestkuiltje in natte vegetatie of moeras.

Gedrag, ecologie en levenswijze: Klok- of tikkende baltsvlucht. Klokroep vanaf zitplaats. Mekkerende of lammetjesachtige baltsvlucht. Zeer verborgen gedrag.

Migratie: Trekkend gedrag algemeen. Gedeeltelijke trek; deel van populatie blijft, deel trekt weg. Wintergast; vooral aanwezig buiten het broedseizoen.

Achtergrond

Het baltsgeluid van de Watersnip
Tijdens de baltsvlucht maakt de Watersnip [♂] een bijzonder geluid met zijn staart dat in het Engels 'drumming' wordt genoemd en wel wordt vergeleken met het geblaat van een geit [¹]. De algemeen geaccepteerde idee was dat de snip enkele stijve buitenste staartveren heeft, die tijdens een duikvlucht worden gespreid en door de windsnelheid gaan resoneren. Dat is, blijkt nu, maar deels waar.

Een team Engelse onderzoekers heeft high-speed

Foto: Markus Varesvuo www.arkive.org
filmbeelden en baltsvluchten bestudeerd en het mechanisme achter dit geluid kunnen vaststellen. Ze hebben o.a. een stel buitenste staartveren in een windtunnel vastgezet en er proeven mee gedaan. De gemaakte filmbeelden tonen aan dat die buitenste staartveren niet stijf staan, integendeel, ze zitten juist heel flexibel vast aan een soort 'slap scharnier' waaraan ze op en neer kunnen bewegen. Zodra de vogel een snelheid overschrijdt van zo'n 50 km/u gaan deze buitenste veren 'flutteren' [²] en dat maakt het bijzondere geluid. In horizontale vlucht haalt het mannetje deze snelheid niet en daarom moet hij telkens even aanduiken om die snelheid wel te kunnen halen. Lees het hele verhaal via deze link.

Meer informatie in de WIKIPEDIA ) (Engelse tekst).

[¹] een goed Nederlands woord ervoor heb ik nog niet kunnen vinden [DB].
[²] Aeroelastische flutter is een aerodynamische term die een staat beschrijft waarin een (vliegtuig)vleugel uit zichzelf gaat vibreren en torderen; de uitslagen versterken zichzelf, worden ongeremd groter en dit mechanisme zal uiteindelijk destructief zijn; vliegtuigvleugels zijn hierdoor afgebroken. Een ander bekend geval van deze flutter is de hangbrug over Tacoma Narrows, die door de wind ongeremd gaat trillen en uiteindelijk breekt en instort.

Bescherming

Door het voortdurende verdwijnen van natte leefgebieden wordt de stand van de Watersnip ernstig bedreigd. Ten opzichte van de jaren vijftig van de vorige eeuw is de soort met 75% afgenomen. Ook in grote delen van Europa is een afname te zien. Sterke bemaling met ontwatering als gevolg, intensieve landbouw en het verdwijnen van zompige slootkanten zijn de grootste oorzaak. Maar ook de voortdurende jacht op deze soort in zuid van ons gelegen landen, in Frankrijk jaarlijks zo’n 300.000! [*] vormt een bedreiging (bron: Vogelbescherming Nederland ).
[*] Bron het tijdschrift "Vogels" (voorjaar 2013) van Vogelbescherming Nederland.