Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
In het verleden werden nogal eens eenden vrij rondlopend rond boerderijen gehouden. Deze eenden waren geselecteerd op een hoge eierproductie en waren zelfs productiever dan kippen! Toen eenden-eieren uit de mode raakten zijn veel van deze eenden aan hun lot overgelaten. Deze hebben zich vermengd met de Wilde Eend en dit vormt de basis voor de huidige Parkeenden. Het proces van vermenging duurt voort omdat nog steeds eenden in halfwilde staat worden gehouden. Deze 'moderne tamme Eenden' zijn meestal siereenden (op uiterlijk geselecteerd) en stammen soms af van oude gebruiks-rassen. Hierdoor neemt het aantal kleurvarieteiten onder de Parkeenden voortdurend toe.
De gedomesticeerde eenden vertonen een grote variatie in afmetingen en lichaamsbouw. Van deze variatie is na één tot twee generaties niets meer terug te zien. Kennelijk is er een zeer sterke natuurlijke selectie die alle eenden met een 'afwijkende lichaamsbouw' genadeloos uitsluit. Eenden met een afwijkende lichaamsbouw of afmeting zijn dan ook vrijwel altijd tamme eenden die door hun eigenaar zijn losgelaten (gedumpt) en geen 'echte Parkeenden'.
Soepeenden en Wilde Eenden: de verschillen
Het gaat niet om gedrag, maar om verschillen in verenkleed. In Sovon-Nieuws (mei 2017) staat een uitgebreid artikel (pdf) over de herkenning van Soepeenden.
Voorkomen
Vogelkenmerken
Tamme vleeseend, vetgemest voor consumptie, vaak gebruikt voor soep
Ecologische vogelgroepen: geen. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van schelprijk kustsubstraat. Gebruik van open water, plassen of watergangen.
Voedsel van volwassen vogels: plantaardig materiaal, waterplanten, gras, knoppen of blad kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden Breed opportunistisch omnivoor dieet; vooral relevant bij kraaiachtigen wanneer geen enkele voedselgroep dominant is.
Nestplaats en nestbouw: Nest in gebouw, spleet, dakrand of kunstmatige constructie. Grondnest. Open grondnest. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes
Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.