Terug naar soorten

Bergeend

Tadorna tadorna Eenden

Broedvogel Rode lijst |
55jaren
710territoria
31hoogste jaar

1958 t/m 2024 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

De Bergeend is een grote, opvallend getekende eend. Het is een jaarvogel die altijd de kustgebieden heeft bevolkt, maar sinds de jaren vijftig meer landinwaarts is getrokken. Deze eenden broeden tegenwoordig in de noordelijke provincies en rond het IJsselmeer. 

In tegenstelling tot de meeste andere eendensoorten heeft het vrouwtje dezelfde tekening als het mannetje, alleen mist ze de snavelknobbel van de woerd. Ze zou daardoor een makkelijk prooi kunnen vormen voor rovers, maar omdat Bergeenden in holen broeden loopt ze nauwelijks gevaar. 

Het goed verborgen nest, vaak in een konijnenhol, wordt bekleed met gras, dons en veren van de eigen borst. Het vrouwtje broedt de 8-14 eieren alleen uit en verzorgt de jongen. Een Bergeend voedt zich met krabbetjes en garnalen maar ook met visjes, insecten, pieren en kleine hoeveelheden plantaardig voedsel. 

Van oudsher trekken vrijwel alle West-Europese Bergeenden na de broedtijd naar het waddengebied van Sleeswijk-Holstein in Duitsland om te ruien; dan blijven een paar volwassen vogels achter als kinderoppas. Rond de eeuwwisseling ruiden daar ruim 200.000 Bergeenden. Sindsdien namen de aantallen er gestaag af en vormden zich steeds grotere ruiconcentraties in de Nederlandse Waddenzee. De vraag is wat het Nederlandse wad in de zomermaanden zo aantrekkelijk maakt voor ruiende Bergeenden. Lees hier het artikel dat uitgebreid ingaat op deze vraag. Het artikel verscheen in Limosa.

Voorkomen

Van oorsprong een kustvogel, heeft de Bergeend vanaf 1970 zijn broedgebied landinwaarts uitgebreid. Tegelijkertijd verminderden de aantallen in de duinstrook, waarbij de decimering van het Konijn (levert nestgelegenheid en houdt de vegetatie kort) en predatie door Vossen meespeelt. Door de uitbreiding over het binnenland is de Nederlandse broedpopulatie als geheel desondanks licht gegroeid. 

Vermindering van het aantal konijnen alsmede predatie door Vossen spelen een hoofdrol in de (bijna) verdwijning van de Bergeend uit Meijendel. Het aantal broedgevallen is in deze eeuw incidenteel en laag te noemen.

Vogelkenmerken

Grote bontgekleurde eend van kustgebieden, foerageert op wadbodemdieren

Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Kuifeend-groep); Vogels van pionierbegroeiingen (Scholekster-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Vorming van kuikencrèches of gezamenlijke opvang van jongen. Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Broeden in holen of diepe nestgangen. Foerageren op slik of wad, vooral bij laag water. Gebruik van schelprijk kustsubstraat. Gebruik van open water, plassen of watergangen.

Voedsel van volwassen vogels: Benthische, slik- en bodemfauna als voedselbron. Kreeftachtigen en andere kleine schaaldieren. garnalen/slijkgarnalen kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden

Nestplaats en nestbouw: Nest in gebouw, spleet, dakrand of kunstmatige constructie. Nest in konijnenhol, oeverhol of andere ondergrondse gang. Nest in oud konijnenhol of konijnengang. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes

Gedrag, ecologie en levenswijze: Collectieve bewaking van jongen in een crèche. Gezamenlijke ruiconcentraties of ruirustplaatsen.

Migratie: Overwintering of trek richting Middellandse Zeegebied. Zomergast; aanwezig in broedseizoen en afwezig in winter.

Bescherming

De aanwezige aantallen Bergeenden zijn in Nederland het hoogst van juli tot en met september. In deze tijd ruien ze hun slagpennen, waarvoor ze veilige open zoute wateren opzoeken. Lange tijd brachten vrijwel alle West-Europese Bergeenden de rui door in de Duitse Waddenzee. Vanaf ongeveer 1995 doen ze dat in toenemende mate ook in de Nederlandse Waddenzee, met name voor de Friese Kust bij Harlingen. Hier verblijven soms meer dan 100.000 Bergeenden in gebieden met veel voedsel (slijkgarnalen) en weinig scheepvaart (rust). De in ons land getelde aantallen namen in de afgelopen tientallen jaren duidelijk toe door de gedeeltelijke verschuiving van ruiplaatsen (Sovon ). 

Voor de Bergeend worden geen specifieke maatregelen genomen. Wel profiteert de soort in meer algemene zin van projecten van onder meer Vogelbescherming die gericht zijn op verbetering van de natuurkwaliteit van onze kustzones (Delta en Waddenzee). Belangrijke elementen daarin zijn meer rust voor vogels om te broeden, te foerageren en uit te rusten en een meer duurzame visserij (bron:  ).