Terug naar soorten

Krakeend

Anas strepera Eenden

Broedvogel
56jaren
2520territoria
81hoogste jaar

1970 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Krakeend
Krakeend Foto: Mdf · CC BY-SA 3.0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

De Krakeend is een mooie eend maar met weinig opvallende kenmerken. Op afstand lijkt het mannetje saai grijs maar van dichtbij is een fijn gestreept en gespikkeld verenpak te zien met een zwart achterwerk en witte vleugelspiegel. Het vrouwtje lijkt op een iets afgeslankte Wilde Eend. De Krakeend heeft een voorkeur voor meertjes en langzaam stromend water met weelderig begroeide oevers. Daar zoekt hij al slobberend of grondelend naar plantaardig voedsel.

Het is een vrij schaarse broedvogel die vooral in noordwest Nederland broedt, zo ook in Meijendel. Het nest van gras ligt meestal in de dichte begroeiing op de oever. Het uitbroeden en grootbrengen van de 8-10 jongen wordt in de regel aan het vrouwtje overgelaten, het mannetje vertrekt. De jongen zoeken overigens zelf naar voedsel.

In een milde winter zijn er soms wel 10.000 Krakeenden in Nederland, dan wordt de vaste populatie aangevuld met soortgenoten uit Scandinavië en Rusland. Wordt de winter ze te koud dan vertrekken ze allemaal naar het zuidenwesten van Europa.

Voorkomen

Tot ongeveer 1960 was de Krakeend een zeldzame broedvogel. Aantallen en verspreiding namen daarna sterk toe, net als elders in West-Europa. Er is sprake van een gestage stijging naar 6000 - 7000 (in 1998-2000). De grafiek van Sovon toont de laatste 12 jaar een significante toename van <5% per jaar (bron: zie vogel.asp r398).

In tegenstelling tot het landelijke beeld schommelt het aantal broedparen in Meijendel nogal met een (voorlopige) piek in 2009.

Vogelkenmerken

Grondeleend; vooral plantaardig dieet, ondiep water en riet-/ruigtevegetatie.

Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Slobeend-groep); Weidevogels (Grutto-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van rietvegetatie voor foerageren, zang of dekking. Gebruik van schelprijk kustsubstraat. Gebruik van open water, plassen of watergangen.

Voedsel van volwassen vogels: plantaardig materiaal, waterplanten, gras, knoppen of blad Ondergedoken waterplanten als primaire voedselbron. kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen Slakken en kleine buikpotigen als voedselbron.

Voedsel voor jongen: kuikens/nestvlieders: waterplanten en plantendelen Kleine insecten en kleine ongewervelden als voedsel voor jongen.

Nestplaats en nestbouw: Grondnest. Open grondnest. Nest in rietvegetatie.

Migratie: Trekkend gedrag algemeen. Gedeeltelijke trek; deel van populatie blijft, deel trekt weg. Standvogel of jaarrond aanwezig. Korte- tot middellange-afstandstrekker

Bescherming

De landelijk getelde aantallen Krakeend buiten de broedtijd nemen al tientallen jaren toe. Ze zijn het hoogst in september, oktober en november. In sommige gebieden, zoals het Haringvliet, verblijven dan meer dan 10.000 Krakeenden. Een groot deel daarvan trekt vervolgens door naar Zuidwest-Europa, maar vele duizenden overwinteren in ons land (bron: Sovon ).

De Krakeend wist in Nederland te profiteren van eutrofiëring en van nieuw aangelegde (of afgedamde en verzoete) wateren. Bedreigingen voor de soort zijn vervuiling en verstoring van wetlands door recreatie (bron: Vogelbescherming Nederland ).