Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Deze eendensoort houdt van kleinschalige plassen en sloten door drassige weiden en hooilanden. Ook verlandingszones van moerasgebieden kunnen een geschikte biotoop voor de Zomertaling vormen. Belangrijk zijn een natte, kruidenrijke vegetatie gecombineerd met een goede waterkwaliteit. Dit is een nogal schuwe eend die bij het minste onraad er al gauw vandoor gaat, loodrecht de lucht in en weg in een snelle vlucht, behendig manoeuvrerend om de begroeiing te ontwijken.
Hij zoekt zijn voedsel net onder het wateroppervlak. Daar zeeft hij al 'knabbelend' allerlei diertjes uit het water zoals larven, waterkevers en -slakken, schietmotten en wormen. Ook het legsel van vissen en kikkers wordt niet versmaad. Verder eet de Zomertaling wortels, knoppen bladeren en vruchten van verschillende waterplanten. Ze zijn ook grondelend te zien.
Het nest bevindt zich in dichte kruidenvegetatie, riet of in een graspol. Het is een eenvoudig nest bekleed met gras en dons. De 10-11 eieren worden door het vrouwtje uitgebroed en zij verzorgt de jongen ook alleen.
Voorkomen
Samenscholingen in de nazomer van honderden of zelfs duizenden vogels, zoals bekend tot 1960, komen niet meer voor; groepen van enkele tientallen vormen tegenwoordig het maximum. De afname weerspiegelt de instorting van de eigen broedpopulatie en die in vrijwel geheel West-Europa.
Daar bovenop zorgden droogteperiodes in het overwinteringsgebied, de Sahel, voor massale sterfte (bron: zie vogel.asp r398).
Vogelkenmerken
Kleine trekeend van natte moerassen, foerageert op insecten en zaden
Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Slobeend-groep); Weidevogels (Zomertaling-groep). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van schelprijk kustsubstraat. Gebruik van open water, plassen of watergangen.
Voedsel van volwassen vogels: kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden plantaardig materiaal, waterplanten, gras, knoppen of blad
Nestplaats en nestbouw: Grondnest. Open grondnest.
Migratie: Langeafstandstrek. Trekkend gedrag algemeen. Zomergast; aanwezig in broedseizoen en afwezig in winter.
Bescherming
In de Sahel - het overwintersgebied - speelt droogte de soort parten en onderweg is de Zomertaling niet veilig voor jagers. Daarom staat deze soort als trekvogel op de aanvullende Rode Lijst (bron: Sovon ).