Terug naar soorten

Grauwe Kiekendief

Circus pygargus Sperwers

Rode lijst EB|
0jaren
0territoria
0hoogste jaar

Nog geen gecontroleerde Meijendel-reeks beschikbaar.

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Grauwe Kiekendief
Grauwe Kiekendief Foto: Cks3976 (Own work)

Beschrijving

Van de drie Kiekendieven die in Nederland broeden is de Grauwe Kiekendief de kleinste; het mannetje is niet groter dan een Houtduif. Hij heeft een blauwgrijs verenpak en lijkt vooral zittend dan ook erg op man Blauwe Kiekendief. Het vrouwtje Grauwe Kiekendief is bruin. Ze heeft een minder duidelijke witte stuit dan dat van de Blauwe (onderscheid in de vlucht duidelijk te zien), ze lijkt daarentegen sterk op vrouw Steppenkiekendief.

Man Grauwe en Blauwe Kiekendief zijn in de vlucht beter te onderscheiden door de langere en smallere vleugels van de Grauwe, terwijl de punt van de vleugel van de Blauwe breder is en zwart. Ook de vleugtekening verschilt. Man en vrouw Grauwe Kiekendief hebben allebei een donkere band op de bovenzijde van de vleugel, donkerbruin bij de vrouw, zwart bij de man. De onderzijde van de man is bruin gestreept, in tegenstelling tot de Blauwe die heel licht is met alleen een donkere vleugelachterrand.

Vrouw Grauwe Kiekendief.
Foto: Clpramod (Own work) via Wikimedia Commons
[CC BY-SA 4.0]. Klik de foto voor een vergroting.
De vleugelslag van de Grauwe Kiekendief is sternachtig en elegant. Het vliegprofiel is als van een typische kiekendief met een diepe V-vorm. Hij vliegt langdurig rond op zoek naar prooi, kleine zoogdieren (veldmuizen!) en kleine vogels. Soms vindt prooioverdracht plaats in de lucht, in de baltsvlucht gepaard gaand met spectaculaire buitelingen en salto's mortale.

Grauwe Kiekendieven zijn trekvogels. Europese vogels overwinteren in tropisch Afrika, zuid van de Sahel. Ze keren in de tweede helft van april tot in mei terug. Het broedgebied van deze kiekendief strekt zich uit over heel Europa (tot ver in Rusland), met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Griekenland.

Het voorkeursbiotoop is open, vlak of licht golvend landschap met voldoende voedselaanbod. In Nederland zijn dat vooral akkers (graan, luzerne) en braakliggend land. In de vorige eeuwen was dit ook heide, hoogveen, duinen en moerasgebied. Het merendeel van de Grauwe Kiekendieven nestelt tegenwoordig in akkerbouwgewassen in Groningen. Enkele paren broeden jaarlijks op vergelijkbare plekken in Flevoland. Elders zijn broedgevallen uiterst zeldzaam.

Hun nest maken deze vogels op de grond, ze gebruiken gras, riet of onkruid als nestmateriaal. Het wordt goed verborgen tussen struiken, graspollen en dergelijke. Het vrouwtje broedt terwijl het mannetje voor voedsel zorgt.

Voorkomen

Tot ongeveer 1950 was de Grauwe Kiekendief een normale broedvogel in verschillende delen van het land, zowel op de hoge als lage gronden. Ontginning of verslechtering van broedgebieden in combinatie met voedselarmoede in agrarisch cultuurland leidde tot de verdwijning van de meeste broedplaatsen. Van de enkele honderden broedparen bleven er maar 15 over rond 1990.

Door braaklegging van akkers kregen Grauwe Kiekendieven echter nieuwe kansen in Groningen. Intensieve nestbescherming en maatregelen om het voedselaanbod ter plaatse te verhogen zorgen ervoor dat deze vogels zich kunnen handhaven in intensief boerenland. De huidige aantallen schommelen, met pieken in veldmuisrijke jaren. Het aantal broedparen was 47 in 2014 (bron: Sovon ). Anno 2022 toont de grafiek rechts een gelijkdelijk stijgende trend, met een nieuwe piek (80 paren) in 2020.

Vogelkenmerken

Zeldzame akkerroofvogel, jaagt laag vliegend op kleine prooidieren.

Ecologische vogelgroepen: Vogels van pionierbegroeiingen (Fazant-groep); Vogels van open heide (Wulp-groep). Rode Lijst: RL: Ernstig bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van lage vegetatie of lage foerageerhoogte.

Voedsel van volwassen vogels: kikkers, jonge vogels, kleine gewervelden en andere grotere prooien grote insecten

Nestplaats en nestbouw: Grondnest. Grondnest verborgen onder vegetatiedekking.

Migratie: Langeafstandstrek. Trekkend gedrag algemeen. Zomergast; aanwezig in broedseizoen en afwezig in winter.

Bescherming

Grauwe Kiekendieven broeden vrijwel uitsluitend in het noorden van Nederland, vooral Groningen. Na een dieptepunt rond 1990 zijn de aantallen iets toegenomen. In Europa neemt de soort ook af. De intensivering van de landbouw is er debet aan. Ook in de overwinteringsgebieden speelt van alles, zoals het gebruik van pesticiden bij de bestrijding van sprinkhanen in Afrika, droogte in de Sahel, aftakeling van het leefgebied in Afrika (door o.a. overbegrazing). Wellicht is deze trekvogel ook gevoelig voor grote windparken onderweg (bron: Vogelbescherming Nederland ).
De Stichting Werkgroep Grauwe Kiekendief is in 2005 opgericht om beschermingswerk met gericht onderzoek naar Grauwe Kiekendieven zowel nationaal als internationaal te ontwikkelen. Lees verder op de site van deze werkgroep. Daar worden alle activiteiten toegelicht en zijn onder meer de trekroutes van gezenderde Grauwe Kiekendieven te volgen. Kijk hier voor 2017-2018.