Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Zwarte Sternen broeden in een groot deel van Europa, waarbij de grootste aantallen in Polen, Wit-Rusland en de Baltische Staten te vinden zijn. Nederland ligt aan de westelijke grens van het broedgebied. Het zijn uitgesproken trekvogels die overwinteren aan de kust van West-Afrika. Nederland is erg belangrijk voor de Zwarte Stern omdat bijna de gehele Oost-Europese populatie door ons land trekt, op weg naar het winterkwartier. De meeste voorjaarstrek is in de eerste helft van mei, de najaarstrek speelt zich af tussen eind juni en eind september.
Als broedgebied heeft de Zwarte Stern een voorkeur voor moerassen, meertjes en veenplassen met de nodige plantengroei. Daar broeden ze in kolonies en maken een simpel nest op drijftillen of dichte velden krabbescheer of andere waterplanten. Echter, omdat krabbescheer door waterverontreiniging op veel plaatsen compleet verdwenen is, worden -voor het broedseizoen begint- nestvlotjes uitgezet. De huidige verspreiding in Nederland concentreert zich in de laagveengebieden van Zuidoost-Friesland, Noordwest-Overijssel, Zuid-Holland en Utrecht, naast delen van het oostelijk rivierengebied (Bron: Sovon )
Voorkomen
Vogelkenmerken
Koloniale moerasstern afhankelijk van drijvende vegetatie en nestvlotjes.
Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Dodaars-groep); Weidevogels (Zomertaling-groep). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Functionele habitat en foerageerwijze: Foerageren vliegend in de lucht. Gebruik van open water, plassen of watergangen. Foerageren in nat grasland of akker.
Voedsel van volwassen vogels: Vis als voedsel voor volwassen vogels. voedsel adult/broedseizoen Grotere vliegende insecten als voedselbron. grote insecten
Voedsel voor jongen: Vis als voedsel voor jongen. jongenvoedsel
Nestplaats en nestbouw: Nest in kolonies of dicht bij soortgenoten. Drijvend nest of nest op watervegetatie. Grondnest.
Gedrag, ecologie en levenswijze: Kolonie- of losse koloniestrategie. 1 = sterk koloniaal; 2 = los of semi-koloniaal indien toegepast. Los gegroepeerd broeden of beperkte territoriale exclusiviteit; geen strikte kolonie.
Migratie: Overwintering of trek naar Afrika. Langeafstandstrek. Trekkend gedrag algemeen. Zomergast; aanwezig in broedseizoen en afwezig in winter.