Terug naar soorten

Noordse Stern

Sterna paradisaea Meeuwen

Rode lijst BE|
0jaren
0territoria
0hoogste jaar

Nog geen gecontroleerde Meijendel-reeks beschikbaar.

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Noordse Stern
Noordse Stern Foto: Andreas Trepte|https://www.photo-natur.net/alkenv%C3%B6gel-trogone/m%C3%B6wen-und-seeschwalben/

Beschrijving

De Noordse Stern lijkt sterk op de Visdief, maar is te onderscheiden aan een kortere snavel, kop en hals. De staart is juist iets langer en steekt zittend voorbij de opgevouwen vleugels. Verder heeft deze stern wat kortere poten dan de Visdief en heeft geen zwarte punt aan de rode snavel. De Noordse Stern vist 'getrapt biddend', dwz bidt, daalt iets, bidt weer even, daalt iets verder enzovoort. Uiteindelijk volgt de stootduik.

Het is een uitgesproken trekvogel, broedt hoofdzakelijk in arctische streken en overwintert in de 'roaring fourties'. Tijdens de trek wordt zo 16.000 tot 20.000 km afgelegd en dat twee keer per jaar dus! Hierdoor zijn het de vogels met de langste trekroute. Eind april en in de eerste helft van mei zijn er doortrekkers in Nederland te zien, de piek van de najaarstrek valt in juli-augustus.

Nederland ligt aan de uiterste zuidgrens van het broedgebied, waardoor het aantal broedende vogels nogal kan varieren, van 900 tot 2000 paren. De huidige broedpopulatie nestelt voornamelijk in het Waddengebied, met slechts enkele tientallen broedparen in het Deltagebied (bron: Sovon ).

Dit is een koloniebroeder, veelal in gemengde kolonies met Visdieven en Kokmeeuwen. Het broedbiotoop wordt gevormd door zandige en schaars begroeide eilanden alsmede drooggevallen schelpenbanken. Die dienen in principe vrij te zijn van mensen en roofdieren. Overbevissing, waterverontreiniging, predatie en verstoring vormen de grootste bedreigingen voor de Noordse Sterns. Daar moet deze stern actief tegen worden beschermd en daarom staat de Noordse Stern op de Rode Lijst.

Voorkomen

Nederland ligt aan de uiterste zuidgrens van het broedgebied. Dit verklaart ten dele de grote jaarlijkse aantalsverschillen: in daljaren rond 900 broedparen en in piekjaren bijna 2000 paren. Dit was in het verleden vermoedelijk niet anders, maar de aantalsontwikkeling vóór 1990 is door determinatieproblemen minder goed gedocumenteerd dan bij andere sterns. Mogelijk was de soort, net als Grote Stern en Visdief, voor de crash van de jaren zestig (veroorzaakt door waterverontreiniging) talrijker dan nu.

De huidige broedpopulatie (770-840 nesten in 2016) zetelt voornamelijk in het Waddengebied, met slechts enkele tientallen broedparen in het Deltagebied. Broedgevallen in het IJsselmeergebied en rond Amsterdam worden recent niet meer vastgesteld (bron: Sovon ).

Vogelkenmerken

Arctische stern aan de zuidrand van het broedgebied; koloniebroeder van kale kustlocaties met extreem lange trek tussen poolgebieden.

Ecologische vogelgroepen: Vogels van pionierbegroeiingen (Strandplevier-groep). Rode Lijst: RL: Bedreigd. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Broeden in gemengde sternkolonies. Gebruik van open terrein zonder gesloten boom- of struiklaag. Gebruik van kale zand-, slik- of schelpenbanken als pionierhabitat. Steil duikend als een torpedo jagen op vis.

Voedsel van volwassen vogels: Vis als voedsel voor volwassen vogels. kleine vis

Nestplaats en nestbouw: Nestkuiltje tussen schelpen of schelpenrijk substraat.

Gedrag, ecologie en levenswijze: Extreem lange trek tussen arctische broedgebieden en zuidelijke overwinteringsgebieden. Compacte, snelle vluchtstijl. Relatief laat vertrek in het najaar.

Bescherming

De Noordse Stern heeft sterk te lijden gehad van de ineenstorting van de populatie in de jaren zestig, als gevolg van giflozing. De aantallen in Nederland schommelen door de ligging aan de periferie van het verspreidingsgebied, door overloop van broedparen uit het buitenland. Het broedsucces van de Noordse Stern is al jarenlang te laag om een populatie in stand te houden. Stormvloeden zijn een belangrijke oorzaak van het mislukken van nesten. Het aantal hoge vloeden in het broedseizoen is recent toegenomen, vermoedelijk door klimaatverandering (bron: Vogelbescherming Nederland ).