Dichtheid per km2
Territoria per km²
Dichtheid
Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Grote Barmsijs is grijzig met een lichte vleugelstreep en een zwarte bef. De snavel is klein, geel en spits. Het voorhoofd is rood en bij de mannetjes wordt de borst rood-roze in de broedperiode (de foto toont het winterkleed). De onderdelen van de Grote Barmsijs zijn donker gestreept op een lichte ondergrond. Het kleed is vrij variabel, zo kan de borst zwaar gestreept zijn maar ook bijna geheel wit.
Hij lijkt sterk op de Kleine Barmsijs maar is bleker en grijzer en de vleugelstrepen zijn witter dan bij de Kleine Barmsijs die in het algemeen meer geelbruin getint is.
Deze Grote Barmsijs overwintert jaarlijks in Nederland vanuit Scandinavië. Ze zijn te vinden in berken en elzen in groepjes, hangend aan dunne twijgjes om van de zaden te eten. In sommige jaren kan de soort invasieachtig voorkomen door een combinatie van hoog broedsucces en voedselschaarste in hun reguliere overwinteringsgebied.
Taxonomie
Grote en Kleine barmsijzen waren eerst één soort. Over de opsplitsing wordt verschillend gedacht, ze wordt vaak beschouwd als kunstmatig. Naast enkele kleine verschillen in het kleed is het meest opvallende onderscheid het broedgebied. Voor de Grote barmsijs is dat Scandinavië, voor de Kleine ligt dat zuidelijker, o.a. in (Noord-) Nederland. Waarnemingen in de broedtijd betreffen de Kleine Barmsijs. Deze nestelt dan vooral op de Waddeneilanden en in de duinstreek van het vasteland.
Hij lijkt sterk op de Kleine Barmsijs maar is bleker en grijzer en de vleugelstrepen zijn witter dan bij de Kleine Barmsijs die in het algemeen meer geelbruin getint is.
Deze Grote Barmsijs overwintert jaarlijks in Nederland vanuit Scandinavië. Ze zijn te vinden in berken en elzen in groepjes, hangend aan dunne twijgjes om van de zaden te eten. In sommige jaren kan de soort invasieachtig voorkomen door een combinatie van hoog broedsucces en voedselschaarste in hun reguliere overwinteringsgebied.
Taxonomie
Grote en Kleine barmsijzen waren eerst één soort. Over de opsplitsing wordt verschillend gedacht, ze wordt vaak beschouwd als kunstmatig. Naast enkele kleine verschillen in het kleed is het meest opvallende onderscheid het broedgebied. Voor de Grote barmsijs is dat Scandinavië, voor de Kleine ligt dat zuidelijker, o.a. in (Noord-) Nederland. Waarnemingen in de broedtijd betreffen de Kleine Barmsijs. Deze nestelt dan vooral op de Waddeneilanden en in de duinstreek van het vasteland.