De Harstenhoek en de omgeving Pompstationsweg lijken wellicht natuurlijk ontstaan, maar het is oud agrarisch gebied. Vanaf 1770 werd het terrein ontgonnen op initiatief van Van der Harst. Een groot gebied werd vlak gemaakt, er werden walletjes aangelegd, kleine nederzettingen opgericht en er ontstonden akkertjes en tuinbouwlandjes. Er zijn nog drie bebouwingsnederzettingsresten herkenbaar in het vlakke deel. In de eerste helft van de vorige eeuw fungeerde het veld als nettenboetstersterrein en van een bebossingsexperiment rest nog een hoek Hemelboombeplanting.
Qua flora komen er mooie Zeedorpenlandschapsoorten voor als Blauwe Bremraap, Wegdistel en Hartgespan. In de trektijd foerageren op het veld Tapuiten, soms vergezeld van Paapjes in de randen. Beflijsters vinden er dan in de ontoegankelijke delen rust en Engelse en Gele Kwikstaarten foerageren rond de grazende Galloways. Hoewel Boomleeuweriken al jaren regelmatig hier gezien worden, hebben ze zich de afgelopen jaren echt gevestigd als broed- én wintervogel. Ook de Roodborsttapuit heeft er inmiddels een paar territoria. Voor de Slechtvalken en Torenvalken van de omringende bebouwing vormt de kavel een jachtgebied en in de randen zijn aardig wat territoria van Nachtegaal en Gekraagde Roodstaart.
In onze dromen hopen we hier op de terugkeer van broedende Tapuiten. Die passen goed in deze paradijselijk kavel. Zal het ooit gebeuren?