Terug naar soorten

Matkop

Poecile montanus Mezen

Broedvogel Rode lijst GE|
35jaren
180territoria
22hoogste jaar

1965 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Matkop
Matkop Foto · CC BY-SA 3.0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

De Matkop is een algemene broedvogel van allerlei typen bos met een sterke voorkeur voor een wat vochtiger biotoop. Voorwaarde is een voldoende aandeel staand oud (en zacht) hout voor de nestholte. Het is een echte standvogel die langdurig in zijn broedgebied verblijft. Buiten de broedtijd zwerft hij rond met soortgenoten op zoek naar voedsel.

De Matkop lijkt sprekend op zijn neef de Glanskop en wordt hiermee gemakkelijk verwisseld. (Lees over de implicaties hiervan voor inventarisaties in het tweede katern onder de grafiek.) Er zijn in het uiterlijk enkele kleine verschillen zoals het karakter van de kruin hetgeen de namen van beide soorten al doen vermoeden. Maar deze zijn lastig te gebruiken voor een positieve determinatie. Ook verschillen in zang geven lang niet altijd uitsluitsel, de roept lijkt dan een beter middel. Die is van de Matkop heel bescheiden en nasaal en bij de Glanskop vrij explosief van karakter. Lees hier meer over de neef.

Een goed en bruikbaar onderscheid tussen beide is de voorkeur voor een duidelijk verschillend biotoop. De Glanskop prefereert grote en volwassen eiken- en/of beukenbossen met veel natuurlijke holen. Het voorkeursbiotoop van de Matkop zijn vochtige broekbossen met dominantie van berk, wilg en els, met veel dichte ondergroei en met veel dood hout, vooral brede stompen.

Die stompen moeten bovendien een zachte structuur hebben, omdat het vrouwtje zelf de nestholtes uithakt. Zij broedt alleen het legsel uit, waarbij ze overigens wordt gevoerd door het mannetje. Jaarlijks wordt één legsel van 5-7 eieren grootgebracht. Matkoppen zijn partners voor het leven.

Voorkomen

Landelijk gaat de Matkop in aantal hard achteruit: tussen 1990 en 2015 een afname van 52%! De soort staat sinds 2004 op de Rode Lijst. Er wordt verondersteld dat dit o.a. zijn oorzaak vindt in de natte kwakkelwinters in onze omgeving. Matkoppen leggen namenlijk voorraden voedsel aan die door nattigheid gemakkelijk bederven (bron: zie vogel.asp r398).

Tot en met 2006 zijn in Meijendel nog territoria voor de Matkop vastgesteld, maar die waren na 2000 niet onbesproken. Na een uitgebreid onderzoek is een commissie van specialisten van de vogelwerkgroep tot de conclusie gekomen dat de Matkop na 1999 niet meer in Meijendel heeft gebroed. Besloten is de territoria vanaf het jaar 2000 'uit de boeken te verwijderen'. Lees de uitgebreide beschouwing die aan dit besluit ten grondslag heeft gelegen via deze link.

Bijna 10 jaar later is de sterke gelijkenis tussen beide soorten en de verwarring die dit kan veroorzaken bij tellingen (BMP, Atlas), nog immer een 'hot item'. Op de landelijke dag van Sovon (nov. 2015) is er uitgebreid aandacht aan besteed. De presentatie van Hidde Bult (VWG Bergen op Zoom) is geheel toepasselijk getiteld: "Matkop en Glanskop: een lastig maar boeiend duo". Enkele voor Meijendel relevante conclusies t.a.v. de Matkop: 1. verspreidingsgebied in Nederland krimpt verder (oostwaarts) en 2. is uit de duinstreek (en Voorne) compleet verdwenen. Bekijk de presentatie op de site van Sovon, downloaden kan via deze link.

Vogelkenmerken

Kleine mees van vochtige bossen, hakt zelf zachte nestholten uit.

Ecologische vogelgroepen: Struweelvogels (Winterkoning-groep, Zwartkop-groep). Rode Lijst: RL: Gevoelig. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van lage vegetatie of lage foerageerhoogte. Gebruik van gemengd naald- en loofbos. Gebruik van bomen als leef-, nest- of foerageerplaats. Gebruik van nat loofbos of vochtige loofhoutopslag. Gebruik van vochtig bos of natte bosranden.

Voedsel van volwassen vogels: kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden Rupsen als belangrijke voedselbron. zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen

Voedsel voor jongen: Kleine insecten en kleine ongewervelden als voedsel voor jongen.

Nestplaats en nestbouw: Nest in vermolmd of rottend hout. Zelf uitgehakte of zelf uitgeholde nestholte. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes

Gedrag, ecologie en levenswijze: Juvenielen zwerven groepsgewijs uit. Jaarronde binding aan territorium. Zangpiek al in winter of aan het einde van de winter.

Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.

Bescherming

In tegenstelling tot de Glanskop is de Matkop sterk achteruitgegaan: in de achterliggende 25 jaar met 50% gedecimeerd. Het is gissen naar de precieze oorzaken van de achteruitgang van de Matkop in grote delen van laag-Nederland. Jonge, vochtige loofbossen worden het meest gewaardeerd. De soort hakt zelf zijn holten uit en heeft in jonge bossen wellicht minder last van concurrentie van andere mezensoorten (bron: Vogelbescherming Nederland ).