Terug naar soorten

Meerkoet

Fulica atra Rallen

Broedvogel
68jaren
11903territoria
316hoogste jaar

1958 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Meerkoet
Meerkoet Foto: Alexis Lours · CC BY 4.0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

Overal waar water is komen Meerkoeten voor, op meren, rivieren, kanalen en sloten. Deze soort heeft zich goed aangepast aan het leven in stedelijk gebied, ook in stadsvijvers en -grachten zijn ze volop aanwezig.

De Meerkoet is een jaarvogel en zeer talrijke broedvogel. Hij is egaal zwart en heeft een witte bles en snavel. Het is een luidruchtige vogel, mannetjes voeren in het broedseizoen agressieve territoriumgevechten, waarbij ze met de kop vlak boven het water en de veren opgezet op elkaar af 'rennen'.

Het nest wordt vaak in de begroeiing gebouwd, maar ook open en bloot aan de waterkant, een drijvend nest is geen uitzondering. Het is een grote berg stengels, wortels en bladeren, in stedelijk gebied wordt ook zwerfafval gebruikt. Begin april worden 6 -10 eieren gelegd, beide ouders broeden en brengen de jongen groot. Soms zijn er twee of drie legsel per seizoen. Jongen uit eerdere legsel helpen de ouders daarbij.

De Meerkoet eet zowel plantaardig als dierlijk voedsel. Algen kroos en grassen staan op het menu, en ook mosselen, slakken en vliegenlarven. Vaak wordt naar voedsel gedoken. Omdat ze veel lucht in het verenpak vasthouden, gaan ze met een soort duiksprongetje onder water en blijven maar met veel moeite onder.

Voorkomen

Meerkoeten broeden bijna overal waar zoet water met enige oevervegetatie aanwezig is. In de twintigste eeuw wist de Meerkoet te profiteren van de uitbreiding van oppervlaktewateren en de voedselverrijking van zulke wateren. Bovendien verdween zijn schuwheid en werd de Meerkoet tot in de grote steden een bekende broedvogel. Het aantal Meerkoeten is mede daardoor sinds de jaren 60 landelijk toegenomen en de afgelopen decennia betrekkelijk stabiel, met echter een forse inzinking na een tweetal strenge winters rond 1995 (bron: zie vogel.asp r398).

In Meijendel is sinds de piek in 1994 sprake van een dalende lijn van het aantal broedparen. Die dalende trend lijkt vanaf 2013 gekeerd en is anno 2017 is sprake van een lichte stijging.

Vogelkenmerken

Algemene duikende ral van dieper zoet water met oevervegetatie; vooral waterplanteneter.

Ecologische vogelgroepen: Watervogels (Kuifeend-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn

Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van uiteenlopende habitattypen zonder duidelijke specialisatie. Foerageren langs de randzone van open water en oevervegetatie. Foerageren op slikranden, modderige ondieptes of opdrogende moerasplekken. Gebruik van schelprijk kustsubstraat. Gebruik van open water, plassen of watergangen.

Voedsel van volwassen vogels: Ondergedoken waterplanten als primaire voedselbron. Benthische, slik- en bodemfauna als voedselbron. plantaardig materiaal, waterplanten, gras, knoppen of blad kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden grote insecten Breed opportunistisch omnivoor dieet; vooral relevant bij kraaiachtigen wanneer geen enkele voedselgroep dominant is. Rietzaad, lisdoddezaad of vergelijkbare moerasplantenzaden als voedselbron. Schelpdieren zoals mosselen en kokkels. Slakken en kleine buikpotigen als voedselbron. Wormen als belangrijke voedselbron.

Voedsel voor jongen: kuikens/nestvlieders: waterplanten en plantendelen Benthische, slik-, bodem- of waterfauna als voedsel voor jongen. Wormen en regenwormen als voedsel voor jongen.

Nestplaats en nestbouw: Drijvend nest of nest op watervegetatie. Nest in rietvegetatie.

Migratie: Trekkend gedrag algemeen. Gedeeltelijke trek; deel van populatie blijft, deel trekt weg. Standvogel of jaarrond aanwezig.

Bescherming

In het rapport "European birds of conservation concern, populations, trends and national responsibilities" staan een paar opmerkelijke vermeldingen in de overzichten; soorten waarvan we ons misschien niet goed realiseren dat ze zo fors afnemen. …opvallend: de Meerkoet. Hoewel ze hun zwaartepunt niet in Europa hebben, neemt de Meerkoet in Europa flink af in aantal. En 12% van de Europese Meerkoeten broedt in Nederland… (bron: Vogelbescherming Nederland ).