Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Kleine Bonte Spechten komen in het grootste deel van Europa voor, alleen in het noorden van het Verenigd Koninkrijk en Ierland niet en evenmin rond de Middellande Zee. Ze leven voornamelijk in loofbossen met oude bomen van de zachtere soort -berk, wilg, els, populier- en met voldoende dood hout (voor een nest). Maar ook in oude boomgaarden en rivierlandschappen met veel elzenhout doen ze het goed.
Voedsel zoeken ze hoog, minder tegen de stam, vooral op de takken lopend. Op het menu van de Kleine Bonte Specht staan hoofdzakelijk larven van onder boombast levende insecten, aangevuld met larven van galwespen, muggen en spinnen. Soms eten ze bessen.
In het voorjaar wordt het territorium afgebakend met geroffel dat langer duurt dan dat van de Grote Bonte Specht, maar gewoonlijk zachter is. De ouders hakken samen het nest uit in vermolmd hout, vaak in een dikke zijtak met een gang richting de nestholte in de stam. Beide ouders broeden de 4-6 eieren uit en voeren de jongen. [Beluister en vergelijk de roffels van alle spechten onderaan deze pagina.]
Voorkomen
Net als de landelijke trend vertoont het weliswaar kleine aantal broedparen in Meijendel de laatste jaren een stijging.
Vogelkenmerken
Kleinste Europese specht, leeft in oud loofbos en boomrijke parken.
Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Holenbroeders, Kleine Bonte Specht-groep, Loofboomvogels, Vogels van oud bos). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Foerageren op boomschors en in schorsspleten. Foerageren aan uiteinden van takken en boomkronen. Sterke binding aan de hoge kroonlaag van bomen.
Voedsel van volwassen vogels: bladluizen Rupsen als belangrijke voedselbron. kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden
Voedsel voor jongen: bladluizen als jongenvoedsel Rupsen als voedsel voor jongen.
Nestplaats en nestbouw: Nestholte in zacht, dood of verrot hout. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes
Gedrag, ecologie en levenswijze: Zeer snelle roffel.