Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
|
|
| Compleet witte Boerengans.
Foto: 'Noodle snacks' [CC-BY-SA-3.0] |
Kortom, een Soepgans kan eigenlijk elke vorm of hybride van een gedomesticeerde Grauwe Gans zijn, door sommigen gekscherend Anser unox genoemd of met een wat meer serieuze toon Anserini x (bron: WIKIPEDIA ).
Deze ganzen, wit of bruin van kleur of een bonte schakering daarvan, werden gehouden voor de eieren het vlees en het dons, maar ze dienden ook als "waakhond". Tegenwoordig is deze gewoonte in onbruik geraakt, de boerderijganzen worden veelal aan hun lot overgelaten en hebben zich op veel plaatsen in het vrije veld gevestigd. Oppervlakkig lijken de bruine varianten van deze vogels qua postuur op Grauwe Ganzen en compleet witte kunnen eventueel met een Sneeuwganzen worden verward.
Voorkomen
Soepganzen zijn afstammelingen van losgelaten of ontsnapte vogels. Hun verspreiding is in 1998-2000 voor het eerst in kaart gebracht. Ze broeden vooral in het waterrijke deel van het land en speciaal in stedelijke omgeving en nabij boerderijen. De vogels nestelen geregeld samen met Grauwe Ganzen of andere ganzen, waardoor allerlei kleurvariaties optreden.
Buiten de broedtijd en/of bij strenge vorst treden amper verplaatsingen over noemenswaardige afstand op. De aantalsontwikkeling is slecht bekend, landelijke aantallen worden pas vanaf het jaar 1998 bijgehouden tijdens de watervogeltellingen. Ze namen aanvankelijk toe, maar lokaal zorgen bestrijdingsacties voor een daling van de aantallen. In de periode 1998-2000 wordt de broedpopulatie geschat op 3000-4000 paren (bron: zie vogel.asp r398).
Vogelkenmerken
Geen aparte wilde soort; gedomesticeerde vorm/variant van Grauwe gans.
Ecologische vogelgroepen: geen. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van open water, plassen of watergangen.
Voedsel van volwassen vogels: plantaardig materiaal, waterplanten, gras, knoppen of blad zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen
Nestplaats en nestbouw: Grondnest. Open grondnest. Nest in rietvegetatie.
Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.