Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Deze lijster heeft een robuust postuur, staat opvallend rechtop en lijkt sterk op zijn kleinere neef de Zanglijster; wel doet hij zijn naam eer aan en is een behoorlijke slag groter. In de vlucht zijn opvallende witte vlekken onder de vleugel te zien. Zijn op een luidkeels zingende Merel gelijkende zang wordt vroeg in het voorjaar van een hoge zangpost ten gehore gebracht. Zijn voedsel bestaat uit zaden, bessen en vruchten, regenwormen en slakken, insecten en larven.
De Grote Lijster bouwt een omvangrijk nest. Het is een vroege broeder en vaak kan al eind februari zijn nest hoog in de nog kale bomen worden gevonden. Het legsel bestaat gemiddeld uit 4 eieren die door het vrouwtje worden uitgebroed. Beide ouders brengen de jongen groot. In de regel zijn er 2 broedsels.
Voorkomen
De trendlijn in Meijendel vertoont een lichte stijging; in 2017 werden 8 territoria vastgesteld.
Vogelkenmerken
Vochtige halfopen landschappen met mozaïekstructuur.
Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Appelvink-groep, Houtduif-groep, Loofboomvogels, Vogels van oud bos). Rode Lijst: RL: Kwetsbaar. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van dode boomtoppen of dode takken als zang- of uitkijkpost. Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van open terrein zonder gesloten boom- of struiklaag. Foerageren op open plekken, kale bodem of korte vegetatie. Gebruik van open bosranden en overgangszones naar grasland of heide. Foerageren in dicht struweelcomplex/dichte struiklaag.
Voedsel van volwassen vogels: Kevers en torren als belangrijke prooigroep. Benthische, slik- en bodemfauna als voedselbron. grote insecten Slakken en kleine buikpotigen als voedselbron. Wormen als belangrijke voedselbron. fruit en bessen zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen Spinnen als voedselbron.
Voedsel voor jongen: Wormen en regenwormen als voedsel voor jongen.
Nestplaats en nestbouw: Nest in vork van jonge boom of struik. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes Open nest in bomen, kroon of takstructuur
Gedrag, ecologie en levenswijze: Kolonie- of losse koloniestrategie. 1 = sterk koloniaal; 2 = los of semi-koloniaal indien toegepast. Agressieve verdediging of mobbing tegen predatoren. Langdurig optrekken in familiegroepen na uitvliegen.
Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.