Dichtheid per km2
Territoria per km²
Dichtheid
Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Kuhls Pijlstormvogel is met een spanwijdte van 112-126 cm de grootste pijlstormvogel. De bovendelen zijn bruingrijs, de onderdelen wit. De kop is geheel bruingrijs en de zijkant van de keel en hals zijn bruingevlekt. De Kuhls Pijlstormvogel lijkt op de Grote Pijlstormvogel maar de Grote heeft een witte halsband en er zitten donkere vlekken en strepen op de ondervleugel en de okselveren waar Kuhls wit is. De stuit is duidelijk wit, net als bij de Grote Pijlstormvogel. De stevige snavel is geel.
Kuhls Pijlstormvogel jaagt voornamelijk op vis, kuit, inktvisachtigen en kreeftachtigen, ook vasafval (van trawlers). De prooi wordt van het wateroppervlak afgeplukt, maar er wordt ook naar prooi onder water gedoken. Hij fourageert ook ’s nachts op aan de oppervlakte komende dieren.
Kuhls Pijlstormvogels zijn vogels van de Atlantische Oceaan en de zuidwest punt van de Indische Oceaan. Ze broeden op onbewoonde rotsachtige eilanden of in iets verder in het binnenland gelegen bergachtige gebieden zoals op Madeira, de Azoren, de Berlengas eilandengroep en de Canarische eilanden. Het nest ligt in de vegetatie, soms in een hol en er wordt één ei in gelegd. Nesten worden alleen 's nachts aangevlogen om predatie door meeuwen zoveel mogelijk te vermijden. In nazomer/herfst trekken Kuhls Pijlstormvogels naar het noorden, zwerven over de Atlantische Oceaan, zo ver noord als de zuidwest kusten van Groot Brittanië. Ze komen daarbij vaker onder de kust dan andere pijlstormvogels.
Dit is de zeldzaamste van de aanvaarde grote pijlstormvogels. Driemaal werd de soort uitgeput aangetroffen in het binnenland. Andere gevallen betroffen exemplaren die dood op het strand werden gevonden of vanaf de kust boven zee werden gezien. Behalve een enkele in mei waren alle van eind september tot eind november (bron: Dutchbirding).
Taxonomie. De Atlantische en Mediterrane vormen werden in het verleden gezien als ondersoorten van Kuhls maar worden tegenwoordig als aparte soorten beschouwd: respectievelijk Kuhls Pijlstormvogel (Calonectris borealis) en Scolopi’s Pijlstormvogel (Calonectris diomedea). De laatste is kleiner en heeft een ander patroon op de ondervleugel (soortenbank.nl). Zie ook Dutchbirding.
Kuhls Pijlstormvogel jaagt voornamelijk op vis, kuit, inktvisachtigen en kreeftachtigen, ook vasafval (van trawlers). De prooi wordt van het wateroppervlak afgeplukt, maar er wordt ook naar prooi onder water gedoken. Hij fourageert ook ’s nachts op aan de oppervlakte komende dieren.
Kuhls Pijlstormvogels zijn vogels van de Atlantische Oceaan en de zuidwest punt van de Indische Oceaan. Ze broeden op onbewoonde rotsachtige eilanden of in iets verder in het binnenland gelegen bergachtige gebieden zoals op Madeira, de Azoren, de Berlengas eilandengroep en de Canarische eilanden. Het nest ligt in de vegetatie, soms in een hol en er wordt één ei in gelegd. Nesten worden alleen 's nachts aangevlogen om predatie door meeuwen zoveel mogelijk te vermijden. In nazomer/herfst trekken Kuhls Pijlstormvogels naar het noorden, zwerven over de Atlantische Oceaan, zo ver noord als de zuidwest kusten van Groot Brittanië. Ze komen daarbij vaker onder de kust dan andere pijlstormvogels.
Dit is de zeldzaamste van de aanvaarde grote pijlstormvogels. Driemaal werd de soort uitgeput aangetroffen in het binnenland. Andere gevallen betroffen exemplaren die dood op het strand werden gevonden of vanaf de kust boven zee werden gezien. Behalve een enkele in mei waren alle van eind september tot eind november (bron: Dutchbirding).
Taxonomie. De Atlantische en Mediterrane vormen werden in het verleden gezien als ondersoorten van Kuhls maar worden tegenwoordig als aparte soorten beschouwd: respectievelijk Kuhls Pijlstormvogel (Calonectris borealis) en Scolopi’s Pijlstormvogel (Calonectris diomedea). De laatste is kleiner en heeft een ander patroon op de ondervleugel (soortenbank.nl). Zie ook Dutchbirding.
Achtergrond
Over Pijlstormvogels
Alle Pijlstormvogels zoals deze Kuhls Pijlstormvogel zijn bewoners van de open oceaan. Ze komen alleen aan land om te broeden. Daar kunnen ze maar moeizaam lopen. Een opvallend kenmerk van deze vogels is de robuuste snavel met een buis op de bovenkant, dit zijn neusgaten, en een stevige haak aan de voorkant. Kijk voor een detailfoto ervan bij de Noordse Stormvogel. Met die neusgaten kan op tientallen kilometers afstand drijvend voedsel worden opgespoord.![]() |
| Noordse pijlstormvogel. Klik voor vergroting.
Foto: Ómar Runólfsson [Wikimedia - CC BY 2.0] |
Het 'grondeffect' is een aerodynamisch begrip. Dicht bij de grond -hoogte maximaal de spanwijdte- wordt de draagkracht groter en vermindert de vliegweerstand.
