Terug naar soorten

Zomertortel

Streptopelia turtur Duiven

Broedvogel Rode lijst KW|
57jaren
2118territoria
138hoogste jaar

1958 t/m 2023 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Zomertortel
Zomertortel Foto: MPF · CC BY-SA 4.0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

De Zomertortel is een kleine, sierlijke duif, een slag kleiner dan de Turkse Tortel. Hij is kleurrijker dan de Turkse met oranje veren met donkere vlekken. De borst is roze en de staart zwart met een witte eindrand. Links en rechts zit een zwarte vlek met witte strepen op de hals. Hij heeft een opvallende rode ring rond het oranje oog.

Zomertortels komen in het grootste deel van Europa voor, m.u.v. Scandinavië, Schotland en (Noord-)Ierland. Ook in de Alpen ontbreekt deze soort. Het areaal strekt zich naar het oosten uit tot halverwege Rusland en Kazakhstan. De meeste duivensoorten zijn stand- of zwerfvogels, de Zomertortel is een uitzondering; deze duif overwintert ten zuiden van de Sahara.

Zomertortels komen in het late voorjaar terug, zo eind april - begin mei, om hun slordige nest van twijgjes en takjes te bouwen. Deze vrij schuwe duif maakt zijn nest voornamelijk in bosschages aan de rand van open loofbossen, grote parken, fruitboomgaarden, houtwallen en dergelijke, die bij voorkeur in de nabijheid liggen van landbouwgebieden. Er worden in de regel twee eieren in gelegd die door beide ouders worden uitgebroed. De jongen worden eveneens door beide ouders verzorgd.

Het lievelingsvoedsel is het zaad van een bepaald akkeronkruid, de duivenkervel, de late terugkeer hangt hier wellicht mee samen. Maar dat maakt de Zomertortel tegelijkertijd ook kwetsbaar. Afname van akkergrond waar dit kruid gedijt leidt tot voedselschaarste voor deze duif.

Voorkomen

De Zomertortel was rond 1975 vrij talrijk en wijd verspreid. Sindsdien is de stand gedecimeerd en verdween de soort in grote delen van ons land, vooral in West- en Noord-Nederland. De Zomertortel heeft bij ons te lijden van afnemende nestgelegenheid en het verdwijnen van voedselrijke terreinen zoals graanakkers en kruidenrijke hooilanden.

Bovendien worden in de West-Afrikaanse overwinteringsgebieden slaapbossen gekapt en treedt periodiek grote droogte op. Last-but-not-least: forse aantallen Zomertortels sneuvelen door intensieve jacht in Zuidwest-Europa (Malta!) en Afrika (bron: zie vogel.asp r398).

Het aantal vastgestelde broedterritoria van de Zomertortel in Meijendel toont sinds 1986 een sterke daling, net als het landelijke beeld. In 2012 is voor het eerst sinds de inventarisatie volgens de BMP-methode geen enkel territorium in Meijendel geteld. Sindsdien is incidenteel een broedgeval vastgesteld.

Vogelkenmerken

Ecologische vogelgroepen: Struweelvogels (Winterkoning-groep, Zwartkop-groep). Rode Lijst: RL: Kwetsbaar. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Bescherming

Voor de Zomertortel bestaat in agrarisch cultuurlandschap gebrek aan nestgelegenheid (dichte hoge struwelen) en vooral voedsel (verdwijnen graanakkers en kruidenrijke hooilanden). In natuurgebieden heeft de achteruitgang eveneens te maken met nestgelegenheid en voedsel. Verder zijn de omstandigheden in de overwinteringsgebieden in Afrika (zuid van de Sahara) verslechterd. Daarnaast vormt jacht langs de trekroute naar Afrika een probleem (bron: Vogelbescherming Nederland ). Alleen al op Malta worden er jaarlijks 100.000 afgeschoten.