Dichtheid per km2
Territoria per km²
Dichtheid
Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
De Turkse tortel is een van de laatste nieuwkomers tussen de broedvogels in West-europa. Het is verbazingwekkend vast te stellen hoe snel de uitbreiding van deze soort is gegaan, deze tortel heeft zich in zo’n 50 jaar vanuit India, via de Balkan in heel West-Europa gevestigd als standvogel. Vòòr de jaren vijftig broedde er geen enkele Turkse tortel in Nederland, nu is het een van de meest gewone vogelsoorten. Want wie kent deze weinig schuwe vogel niet?
Die snelle uitbreiding is enerzijds te danken aan een hoog voortplantingstempo: de Turkse tortel broedt tot wel 5x van eind februari tot in november! Anderzijds stelt deze duif niet al te hoge eisen aan zijn biotoop en voedsel. Dankzij deze flexibele opstelling is de Turkse tortel meestal te vinden in stadsparken en -tuinen en ook rond boerenerven, zolang er maar voldoende coniferen zijn of bomen met een dicht bladerdak om het schamele nest in te bouwen. Een legsel bevat meestal 2 eieren. Beide ouders broeden en brengen de jongen groot.
Ook qua voedsel stelt de Turkse tortel geen hoge eisen, maar hij heeft als zaadeter een voorkeur voor graan en onkruidzaden. Het is een echte cultuurvolger die graag gebruik maakt van wat de mens biedt en diens aanwezigheid niet schuwt.
Die snelle uitbreiding is enerzijds te danken aan een hoog voortplantingstempo: de Turkse tortel broedt tot wel 5x van eind februari tot in november! Anderzijds stelt deze duif niet al te hoge eisen aan zijn biotoop en voedsel. Dankzij deze flexibele opstelling is de Turkse tortel meestal te vinden in stadsparken en -tuinen en ook rond boerenerven, zolang er maar voldoende coniferen zijn of bomen met een dicht bladerdak om het schamele nest in te bouwen. Een legsel bevat meestal 2 eieren. Beide ouders broeden en brengen de jongen groot.
Ook qua voedsel stelt de Turkse tortel geen hoge eisen, maar hij heeft als zaadeter een voorkeur voor graan en onkruidzaden. Het is een echte cultuurvolger die graag gebruik maakt van wat de mens biedt en diens aanwezigheid niet schuwt.
Voorkomen
De eerste broedgevallen in Nederland vonden plaats in 1950 op de Noord-Veluwe. Dit paste binnen een naar het noordwesten gerichte uitbreidingsgolf, waarbij grote delen van Europa bezet werden. Sindsdien breidde deze duif zich uit over het hele land (het laatst in Flevoland) en namen de aantallen toe tot rond 125.000 broedparen omstreeks 1980. De aantallen zijn sindsdien weer gedaald, maar sinds 1990 min of meer stabiel.
De verspreiding is gebonden aan menselijke bebouwing, met de hoogste dichtheden in groene stadswijken en dorpen. De Turkse Tortel was in stedelijk gebied lange tijd veel talrijker dan de Houtduif, maar tegenwoordig is het veelal omgekeerd. Buiten steden en dorpen zijn Turkse Tortels schaars en broeden ze bijna alleen bij boerderijen of woonhuizen (bron: zie vogel.asp r398).
De verspreiding is gebonden aan menselijke bebouwing, met de hoogste dichtheden in groene stadswijken en dorpen. De Turkse Tortel was in stedelijk gebied lange tijd veel talrijker dan de Houtduif, maar tegenwoordig is het veelal omgekeerd. Buiten steden en dorpen zijn Turkse Tortels schaars en broeden ze bijna alleen bij boerderijen of woonhuizen (bron: zie vogel.asp r398).
Vogelkenmerken
Lichtgekleurde duif, algemeen in dorpen, steden en tuinen.
Ecologische vogelgroepen: Zwarte Roodstaart-groep. Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen
Functionele habitat en foerageerwijze: Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone.
Voedsel van volwassen vogels: zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen
Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.