Niet alle vogelsoorten hebben dezelfde betekenis voor natuurbeheer. Sommige soorten zijn landelijk algemeen en nemen toe, terwijl andere kwetsbaar zijn, achteruitgaan of zelfs dreigen te verdwijnen. Om deze ontwikkelingen zichtbaar te maken worden in Nederland Rode- en Oranjelijstsoorten onderscheiden. Rodelijstsoorten zijn soorten die landelijk bedreigd of kwetsbaar zijn. Oranjelijstsoorten zijn soorten die nog niet bedreigd zijn, maar wel een ongunstige ontwikkeling laten zien en extra aandacht verdienen.
De soorten in Bijlage I van de Europese Vogelrichtlijn (2009/147/EG) zijn vogelsoorten die vanwege hun kwetsbaarheid of bijzondere ecologische betekenis speciale bescherming vereisen. Het betreft soorten die met uitsterven worden bedreigd, gevoelig zijn voor veranderingen in hun leefgebied, zeldzaam zijn of specifieke habitatvereisten hebben. EU-lidstaten zijn verplicht voor deze soorten de meest geschikte leefgebieden aan te wijzen en te beschermen als Speciale Beschermingszones (SBZ-V), die deel uitmaken van het Natura 2000-netwerk. Het doel is het waarborgen van een gunstige staat van instandhouding, zodat deze soorten zich duurzaam kunnen handhaven en voortplanten binnen hun natuurlijke verspreidingsgebied.