Dichtheid per km2
Territoria per km²Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Vanuit de verzamelgebieden gaan ze naar de oude nestelplaatsen aan open water, waar steile, zandige oevers zijn. Door het verdwijnen van natuurlijke oevers is de Oeverzwaluw sterk in aantal achteruit gegaan. Door de aanleg van speciale wanden is de soort tegenwoordig plaatselijk weer algemeen aanwezig. Ook door de mens gemaakte steile wanden zijn geschikt zoals een gronddepot of zandafgraving.
Mannetje en wijfje graven samen een tunnel in de zandige of leemachtige wand. De tunnel is tot wel anderhalve meter diep. Aan het eind ervan wordt een nestkamer gemaakt die met gras en veertjes wordt bekleed. Daar komen 4 of 5 eieren in te liggen die door beide ouders worden uitgebroed. De ouders brengen de jongen samen groot en voeren ze met muggen, kevers en andere insecten die ze in de regel laag boven het water vliegend vangen. Gewoonlijk zijn er twee broedsels.
![]() | |
| De kolonie Oeverzwaluwen in de Ganzenhoek.
Foto: Jan Westgeest. Klik de foto voor een vergroting |
Na het broedseizoen gaan deze zwaluwen ongeveer eind september terug naar de overwinteringsgebieden in de Sahel.
Taxonomie. Er zijn verschillende 'zwaluwen' te vinden in Nederland. Deze Oeverzwaluw is nauw verwant aan Huiszwaluw en Boerenzwaluw en behoort tot de familie der Hirundinidae. De Gierzwaluw zit in een andere familie, Apodidae, uit de orde Apodiformes ('Gierzwaluwachtigen') en is eigenlijk helemaal geen zwaluw maar meer verwant aan de kolibri. Dan is er verder nog de Nachtzwaluw en dat is in taxonomische zin ook geen echte 'zwaluw' maar die behoort tot de familie Caprimulgidae, de nachtzwaluwachtigen.
Voorkomen
Oeverzwaluwen hebben in 2015 Meijendel gevonden om te broeden, de Ganzenhoek om precies te zijn. Waren het in 2015 twee paartjes die een nest hebben gegraven, in 2016 waren dat er liefst elf. Lees het hele bericht via deze link. Helaas is de duinwand daarna dermate afgekalfd, dat de zwaluwen in 2017 niet terug kwamen om te broeden.
Vogelkenmerken
Koloniale holenbroeder van steile zandwanden; jaagt op vliegende insecten en gebruikt schone nestopeningen en krabsporen als broedindicator.
Ecologische vogelgroepen: Vogels van pionierbegroeiingen (Kleine Plevier-groep). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: Vogelrichtlijn
Functionele habitat en foerageerwijze: Foerageren vliegend in de lucht. Koloniale holenbroeder in steile zandwanden of oevers. Gebruik van steile zandwanden of zandige oevers voor nestgangen. Gebruik van open water, plassen of watergangen.
Voedsel van volwassen vogels: vliegende insecten kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden
Nestplaats en nestbouw: Nest in konijnenhol, oeverhol of andere ondergrondse gang. Nestkamer aan het einde van een nestgang.
Gedrag, ecologie en levenswijze: Verdedigen van nestgang of hol tegen soortgenoten. Schone nestopening wijst op actief gebruik van nestgang of hol. Actief uitgraven van een nestgang in zand of aarde. Krabsporen bij nestopening als teken van actief gebruik.
Migratie: Trekkend gedrag algemeen.
