Dichtheid per km2
Territoria per km²
Dichtheid
Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Middels alleen het silhouet een Roodstuit- van een Boerenzwaluw onderscheiden is een hele uitdaging, alleen de staartpennen van de Roodstuitzwaluw lijken wat korter en minder spits.
Zodra er iets van kleur of contrast te onderscheiden is zal het een stuk beter gaan. De Roodstuitzwaluw heeft een roestrode stuit die naar de onderkant toe kleur verliest en witachtig wordt. De kop is roestrood met een lichte zijkop. In de vlucht en op afstand is hij van onderen te herkennen aan de lichte keel, borst en buik en de recht afgesneden onderstaartdekveren die zwart zijn. Dichterbij zijn dan ook diffuse lengtestrepen op een roestrode ondergrond te onderscheiden.
De vlucht is langzamer dan van de Boerenzwaluw en met langere glijfasen met rechte vleugels. Ook laat hij zich minder horen en is zijn zang langzamer en minder melodieus. Hierdoor zijn deze twee zwaluwsoorten goed van elkaar te onderscheiden.
Roodstuitzwaluwen broeden oostelijk van het Middellandse-Zeegebied en het Midden-Oosten tot in Azië en overwinteren in Afrika, zuid van de Shara. Hoewel ze sinds 1988 vrijwel jaarlijks wel ergens in Nederland worden waargenomen, is het een zeldzame verschijning. De meeste Roodstuitzwaluwen worden gezien tussen half april en eind mei, maar nauwelijks in de herfst (Sovon).
Zodra er iets van kleur of contrast te onderscheiden is zal het een stuk beter gaan. De Roodstuitzwaluw heeft een roestrode stuit die naar de onderkant toe kleur verliest en witachtig wordt. De kop is roestrood met een lichte zijkop. In de vlucht en op afstand is hij van onderen te herkennen aan de lichte keel, borst en buik en de recht afgesneden onderstaartdekveren die zwart zijn. Dichterbij zijn dan ook diffuse lengtestrepen op een roestrode ondergrond te onderscheiden.
De vlucht is langzamer dan van de Boerenzwaluw en met langere glijfasen met rechte vleugels. Ook laat hij zich minder horen en is zijn zang langzamer en minder melodieus. Hierdoor zijn deze twee zwaluwsoorten goed van elkaar te onderscheiden.
Roodstuitzwaluwen broeden oostelijk van het Middellandse-Zeegebied en het Midden-Oosten tot in Azië en overwinteren in Afrika, zuid van de Shara. Hoewel ze sinds 1988 vrijwel jaarlijks wel ergens in Nederland worden waargenomen, is het een zeldzame verschijning. De meeste Roodstuitzwaluwen worden gezien tussen half april en eind mei, maar nauwelijks in de herfst (Sovon).