Dichtheid per km2
Territoria per km²
Dichtheid
Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.
Beschrijving
Alle vier Duikers zijn nogal forse vogels, oplopend tot 90cm, met een lang lichaam en een lange hals. Het zijn sierlijke vogels, zowel op het water als vliegend. Ze zwemmen gewoonlijk met het lichaam laag in het water, een aanpassingen die het duiken makkelijker maakt. De poten zijn ver naar achter geplaatst om onder water voor een betere voortstuwing te zorgen; daardoor lopen ze overigens op land nogal onbeholpen. Duiken naar voedsel (vis) gaat in een vloeiende beweging, duikers kunnen daarbij lang onder water blijven en lange afstanden afleggen. Ze zijn uitgerust met een dolkvormige snavel.
De Geelsnavelduiker is de grootste Duiker. Hij heeft in broedkleed een kenmerkende geelwitte snavel die schuin omhoog wordt gehouden. Hij lijkt in veel opzichten op de IJsduiker zoals bijv. het streeppatroon op kop en nek, maar met minder strepen in de nekband. Ook deze Duiker heeft een vlekkenpatroon op de rug, zoals de IJsduiker, maar met minder vlekken die iets groter zijn. Hij lijkt in winterkleed eveneens op de IJsduiker.
Geelsnavelduikers broeden langs de noordkust van Rusland, Alaska en Canada. Ze blijven ’s winters gewoonlijk in (sub)arctische kustwateren van de Noordwest- en Noordoost-Pacifische Oceaan en Noordwest vanaf Noorwegen. Maar ze zakken ook af naar zuidelijker gebieden en worden dan bij ons langs de kust waargenomen, van oktober tot april, vooral in januari-februari. Er zijn enkele gevallen bekend in het Hollandse plassengebied.
De Geelsnavelduiker is de grootste Duiker. Hij heeft in broedkleed een kenmerkende geelwitte snavel die schuin omhoog wordt gehouden. Hij lijkt in veel opzichten op de IJsduiker zoals bijv. het streeppatroon op kop en nek, maar met minder strepen in de nekband. Ook deze Duiker heeft een vlekkenpatroon op de rug, zoals de IJsduiker, maar met minder vlekken die iets groter zijn. Hij lijkt in winterkleed eveneens op de IJsduiker.
Geelsnavelduikers broeden langs de noordkust van Rusland, Alaska en Canada. Ze blijven ’s winters gewoonlijk in (sub)arctische kustwateren van de Noordwest- en Noordoost-Pacifische Oceaan en Noordwest vanaf Noorwegen. Maar ze zakken ook af naar zuidelijker gebieden en worden dan bij ons langs de kust waargenomen, van oktober tot april, vooral in januari-februari. Er zijn enkele gevallen bekend in het Hollandse plassengebied.