Terug naar soorten

Vaal Stormvogeltje

Oceanodroma leucorhoa Noordelijke stormvogeltjes

0jaren
0territoria
0hoogste jaar

Nog geen gecontroleerde Meijendel-reeks beschikbaar.

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Beschrijving

Alle Stormvogels zoals dit Vaal Stormvogeltje zijn bewoners van de open oceaan. Ze komen alleen aan land om te broeden. Daar kunnen ze maar moeizaam lopen. Een opvallend kenmerk van deze vogels is de snavel met een buis op de bovenkant -dit zijn neusgaten- en een haak aan de voorkant. Met die neusgaten kan op grote afstand voedsel aan/op het wateroppervlak worden opgespoord.

Het Vaal Stormvogeltje is groter dan het Stormvogeltje. Het is een donkerbruine vogel, tegen een lichte achtergrond zwart lijkend, met een opvallende witte stuit. Er zit een kenmerkende lichte baan op de vleugel. Van dichtbij is te zien dat de witte stuitvlek iets groter is t.o.v. het Stormvogeltje en V-vormig. Verder zijn de vleugels wat langer en heeft de staart een lichte vork, die overigens niet vanuit alle kijkhoeken goed te zien is.

Het Vaal Stormvogeltje fourageert door fladderend als een vlinder en vaak met hangende pootjes prooi uit het water op te pikken, voornamelijk planctonische kreeftachtigen, weekdieren en kleine visjes.

Vaal Stormvogeltjes broeden op de kust van afgelegen en ontoegankelijke, rotsige eilanden, in het noordelijke Atlantisch gebied van Europa op eilanden zoals bij Noord Schotland, IJsland en de Lofoten bij Noorwegen. Ze broeden in rotsspleten, bestaande of zelfgegraven holen of ander goed verborgen plekken aan de kust. Er wordt één ei gelegd. Ze vliegen het nest alleen 's nachts aan om zo rovende vogels (Meeuwen en Jagers) te ontlopen. Verder zijn ze kwetsbaar door predatie van katten, vossen, huismuizen, en zelfs otters. Het zijn trekvogels die na de broedtijd ver over zee zwerven, richting de zuidelijke delen van de Atlantische Oceaan.

Vaal Stormvogeltjes zijn kustvogels die bij ons bijna alleen langs de Noordzeekust en af en toe in de Waddenzee worden gezien. Het voorkomen is nagenoeg beperkt tot het najaar. Op dagen met harde aanlandige winden tussen september en half november worden op de zeetrektelposten soms vele tientallen per dag geregistreerd en verschijnen ze ook voor de Waddenkust in Groningen en Friesland. Waarnemingen buiten de periode juli-november zijn bijzonder zeldzaam, net als waarnemingen in het diepe binnenland (bron: Sovon ).