Terug naar soorten

Boomklever

Sitta europaea Boomklevers

Broedvogel Rode lijst |
47jaren
571territoria
30hoogste jaar

1964 t/m 2025 · bron: Meijendel-database

Dichtheid per km2

Territoria per km²
Dichtheid

Dichtheid = territoria per jaar gedeeld door het Meijendel-oppervlak in dat jaar, volgens dezelfde berekening als de dashboardkeuze “Dichtheid per km2”.

Boomklever
Boomklever Foto: Stefan Berndtsson · CC BY 2.0 Bron: Wikimedia Commons

Beschrijving

De Boomklever is een standvogel van bosrijke streken. Ze zijn steeds vaker ook in stadsparken en grote villatuinen te zien; voorwaarde is wel de aanwezigheid van oude bomen in de buurt. Het verenpak is vooral blauwgrijs op de kop, rug en vleugels, terwijl de onderkant kastanjebruin getint is.

Boomklevers zijn dankzij een grote en scherpe achterste teennagel zeer goede klauteraars waardoor ze zowel van boven naar beneden als van onder naar boven kunnen klimmen. Het nest wordt in een boomholte gemaakt. De holte wordt niet zelf uitgehakt maar is meestal een oud spechtengat. Als de opening te groot is wordt deze met modder zoveel mogeljk dichtgemetseld om zodoende rovers buiten te houden. Het nest wordt met schilfers van boomschors bekleed en er worden zo'n 6 tot 9 eieren in gelegd die door het vrouwtje worden uitgebroed. Beide ouders verzorgen de jongen.

De zang van de boomklever wordt meestal gekenmerkt door een langzame reeks van helderklinkende fluittonen.

Voorkomen

Boomklevers hebben een ruime verspreiding over de bosrijke streken van Nederland, inclusief delen van de binnenduinrand, en nestelen ook in parken en oude tuinen in stedelijk gebied. De verspreiding werd sinds ongeveer 1975 veel ruimer, ook op de zandgronden van Noordoost-Nederland en Noord-Brabant, waar de soort lange tijd schaars was. De Boomklever begint zich ook wat meer te verbreiden over de laaggelegen delen van ons land. De landelijke broedpopulatie is sinds 1985 minstens verdubbeld (bron: zie vogel.asp r398).

De trend in het aantal broedgevallen van de Boomklever in Meijendel loopt niet geheel in de pas met de landelijke; vergelijk de grafiek boven met die rechts. Na 2015 toont het aantal broedparen in Meijendel -gemiddeld- een stijgende lijn.

Vogelkenmerken

Behendige bosvogel, klimt ook omlaag langs boomstammen op zoek naar insecten.

Ecologische vogelgroepen: Bosvogels (Boomklever-groep, Holenbroeders, Loofboomvogels, Vogels van oud bos). Rode Lijst: geen. Oranje Lijst: geen. Vogelrichtlijn: geen

Functionele habitat en foerageerwijze: Foerageren op boomschors en in schorsspleten. Gebruik van open boomkronen of hogere boomlaag. Langs boomstammen omlaag kunnen foerageren. Gebruik van de grondlaag als broed- of foerageerzone. Gebruik van lage vegetatie of lage foerageerhoogte. Afhankelijkheid van ruwe schors voor voedselzoeken of nestplaats.

Voedsel van volwassen vogels: kleine insecten, wormen, slakken, kreeftachtigen,kleine blad/luchtinsecten en andere kleine ongewervelden zaden van grassen, zeggen, waterplanten en landbouwgewassen Grote zaden, noten en eikels.

Nestplaats en nestbouw: Nest in natuurlijke boomholte of holle stam. Nestopening wordt met modder verkleind of dichtgemetseld. Broeden in oud spechtenhol. Holte- of spleetbroeder in bomen; inclusief spechtenholen en natuurlijke boomholtes Open nest in bomen, kroon of takstructuur

Gedrag, ecologie en levenswijze: Verplaatsingen in mastjaren met veel boomzaden. Mannetje voert broedend vrouwtje. Sterke plaatstrouw of standvogelgedrag.

Migratie: Standvogel of jaarrond aanwezig.