Januaritelling 2022: een Bosuil op een presenteerblaadje
26-1-2022
![]() |
| Slobeend man (foto Jan Westgeest) |
Januaritelling 2022: een Bosuil op een presenteerblaadje Voor januari kwam de vogeldichtheid deze keer vrijwel op het gemiddelde van de afgelopen tien jaar uit: 373 vogels/km2. (De gemiddelde waarde zelf is 393 vogels/km2.) Er zijn in totaal 3625 vogels geteld (van 71 soorten) op 9,7 km2 (27 kavels). Er waren - net als in de afgelopen maanden - opnieuw veel Krooneenden en voor januari relatief ook veel Winterkoningen en Vuurgoudhaantjes. Maar de Slobeenden bereikten een absoluut dichtheidsrecord. En bij de apart noemenswaardige waarnemingen hoort deze maand een door andere vogels aangediende Bosuil.
Als je weet waar een Bosuil huist, is dat dier overdag meestal niet zo moeilijk te vinden. Maar overdag een zwijgend onbekend exemplaar te zien krijgen is bepaald geen alledaagse zaak. Dat lukt eigenlijk alleen maar gemakkelijk met de hulp van een groepje misbaar makende vogels eromheen, zoals bijvoorbeeld gaaien, kraaien en spechten. Precies dit overkwam me en dat voelt een beetje alsof de waarneming op een presenteerblaadje wordt aangeboden. Helaas bood de uil geen kans om een foto te maken; hij/zij liet zich te snel intimideren door de scheldende omstanders en verdween in het Ganzenhoekbos. Maar voor mij wordt het in het komend voorjaar wel extra opletten of er ook een territorium in het kavel gaat komen…
![]() |
| De dichtheden van de Krooneend (in aantal vogels/km²) bij de herfst-/wintertellingen in het afgelopen decennium (per telmaand). |
Hoog aantal krooneenden
Opvallend in deze telronde was het hoge aantal Krooneenden, al past dit wel bij de hoge hoeveelheden die in het gehele lopende telseizoen zijn aangetroffen. De dichtheid overtrof nu ruim de dubbele waarde van het maandgemiddelde. Het lijkt erop dat nogal wat van deze vogels (nog) geen enkele noodzaak zien om (onder druk van de weers-/voedselomstandigheden) verder naar het zuiden af te zakken. Zij overwinteren overigens voornamelijk in groepsverband. Iets soortgelijks geldt voor de Slobeend. Deze soort bereikte in Meijendel ditmaal zelfs het absolute dichtheidsrecord van het afgelopen decennium.
![]() |
| De dichtheden van de Winterkoning (in aantal vogels/km²) bij de herfst-/wintertellingen in het afgelopen decennium (per telmaand). |
Kleine vogelsoorten
Ook enkele kleine vogelsoorten gaat het dit seizoen duidelijk voor de wind in Meijendel: de dichtheid van de Winterkoning en de Vuurgoudhaan bleek in januari relatief erg hoog. Bij de Winterkoning wijst dit op weinig sterfte - zoals deze zich kan voordoen in strenge (delen van) winters. Het kan ertoe leiden dat we in komend broedseizoen ook relatief veel territoria van de soort zullen gaan vinden. Voor de Vuurgoudhaan, die in Meijendel kan kiezen tussen overwinteren en doortrekken, lijkt de minst inspannende van deze beide keuzes dit jaar acceptabel en favoriet. De winter kan natuurlijk nog toeslaan maar er kan ook best sprake zijn van een effect van klimaatopwarming. Het voedt in elk geval alweer onze nieuwsgierigheid naar de situatie in de komende maanden.
Als bijzondere waarnemingen van de maand januari wil ik deze keer eens alle ‘enkelingen’ op een rijtje zetten: Roerdomp (kavel 3), Kolgans (1), Soepeend (6), Sperwer (4/5), Blauwe kiekendief (75), Smelleken (10/12/76), Scholekster (74), Halsbandparkiet (91), Bosuil (77) en Barmsijs (42). Best een aardig lijstje, nietwaar?
Jan Westgeest (westgeest.jan@gmail.com)


