Decembertelling 2020: van Toppers tot en met Kolganzen

20-12-2020

Na de Bokjes van de afgelopen maanden zijn er opnieuw niet-direct-voor-de-hand-liggende waarnemingen gedaan: Toppers! En net als in februari 2018 zijn er ook weer honderden Kolganzen in Meijendel gesignaleerd, die kwamen slapen. Deze laatste waarneming viel weliswaar buiten het telweekend (namelijk op 8 december), maar lijkt hier zeker ook een vermelding waard. Op 9,6 km2 (26 kavels) zijn in totaal 5595 vogels van 75 soorten gezien (de Kolganzen niet meegerekend). De gemiddelde dichtheid kwam uit op 581 vogels/km2 (nóg een topper!).

Topper (foto: Marianne Geboers)

Van de Topper zijn juist de waargenomen vrouwtjes gemakkelijk te verwarren met sommige vrouwtjes Kuifeend die een witte snavelbasis hebben. En de soort komt in onze contreien bepaald niet vaak voor. Veel vogelaars weten dat Toppers in de winter veel vaker te vinden zijn in de ‘Wielen’ bij het Dijkgatbos in Noord-Holland en op de ‘Oude Zeug’ (aangrenzend deel van het IJsselmeer). Maar vier van onze tellers hebben samen 7 stuks (in de kavels 1B, 16+, 32 en 33) doorgegeven (er kunnen enkele doublures bij zijn). De foto van Marianne Geboers moest op grote afstand genomen worden. Naast de ook aanwezige vrouwtjes Kuifeend vielen de vogels op ook doordat ze bruiner oogden en ronde kopjes (zonder kuif) hadden. Op 12 en 13 december zijn tijdens het trektellen op ‘De Vulkaan’ eveneens enkele Toppers gezien (op 29 november zelfs 54 exemplaren!). Overigens bleek de dichtheid van de Kuifeend zelf in Meijendel deze keer een absolute recordhoogte te bereiken: 61 per km2, het dubbele van de gemiddelde waarde. Tijdens de trek kunnen zich Toppers bij groepen Kuifeenden aansluiten.

De berekende dichtheden van de Kuifeend (in aantal vogels/km²) in het huidige telseizoen in Meijendel (per telmaand) vergeleken met de gemiddelde waarden ervan.

In vergelijking met decembertellingen in voorgaande jaren zijn er überhaupt voor relatief veel water- en rietvogelsoorten opvallend hoge dichtheden berekend, maar hierbij dient wél direct te worden aangetekend dat deze keer een hoog percentage van het totale geïnventariseerde oppervlak uit kavels met open water bestond. Dit staat evenwel los van het verhaal over de Kolganzen. Onze vorige voorzitter van de vogelwerkgroep had al, toen hij op weg voor de telling in november door de hoofdader fietste, in de vroege ochtendschemering enkele honderden (ruwe schatting: zo’n 400) Kolganzen uit kavel 5 (tegenover de Vinkenbaan) zien opvliegen. Hij besloot in de late middag van 8 december op meer duidelijkheid uit te gaan, verstopte zich bij de Vinkenbaan en wachtte zo tot de schemering. Rond 17.05 uur verscheen in eerste instantie één grote groep, deze vloog nog wat rond en splitste zich wat later op. De telling kwam daarbij ongeveer uit op zo’n 620 ganzen (daar kunnen wat dubbeltellingen bij gezeten hebben maar er kwamen later [op het gehoor] nog enkele kleine groepjes bij die overvlogen toen hij alweer naar huis fietste). De voornaamste landingsplek was het water in kavel 5 maar er landden er mogelijk ook in de kavels 7 en 17. De ganzen vertrekken daar dus ‘s morgens erg vroeg en komen pas laat weer binnen. Zij zullen bij reguliere tellingen overdag dus niet zo maar ontdekt worden. Kortom, Meijendel kent beslist verrassingen!

Graag wens ik alle tellers en andere betrokkenen bij onze seizoenstellingen van harte heel fijne feestdagen (ondanks de handicaps vanwege Covid-19) en aansluitend op deze dagen een heel mooi, gezond en vogelrijk 2021!

Jan Westgeest (westgeest.jan@gmail.com)