Oktobertelling 2018: Bladeren vallen, Bladkoningen vallen op

21-10-2018

Bij stralend weer en hoge temperaturen werden absolute dichtheidsrecords (over alle telmaanden in de afgelopen 10 jaar) gebroken voor Grauwe gans, Brandgans, Bladkoning en Rietgors. Een grote bijzonderheid was ook een Grote pieper. Op 11,9 km2 (32 kavels) zijn 88 vogelsoorten aangetroffen, iets minder dan vorig jaar, maar ruim boven het gemiddelde voor de maand oktober. De totale vogeldichtheid kwam op 686 vogels/km2 uit.

Man Rietgors. Foto: Jan Westgeest

17 Bladkoningen zijn er waargenomen en in 11 verschillende kavels! Er zal best wel ergens sprake zijn van dubbeltelling, d.w.z. dat eenzelfde Bladkoning waargenomen is door verschillende tellers, maar in totaal moeten er toch aardig wat individuen aanwezig geweest zijn. Dat mag wel ‘in de boeken’! Ook de Grauwe gans was erg nadrukkelijk aanwezig, zo’n 400 exemplaren! Zó veel hebben we er nog nooit in één telronde aangetroffen. Maar Brandganzen zijn juist zelden aanwezig in de duinen; die vliegen meestal over, tijdens hun trek. In kavel 105 (Hertenkamp) zijn deze keer 12 individuen aangetroffen; een ‘eervolle’ vermelding waard? Verder viel het hoge aantal Rietgorzen op. Zouden zij nu door de weersomstandigheden langer blijven of zich beter laten zien? Of telden we toevallig in de trekpiek?

Opmars dodaars

Andere vermeldenswaardig hoge dichtheden werden berekend voor: de Dodaars die echt in opmars lijkt in de duinen, de Canadese gans en de Kleine bonte specht die voor de maand oktober een hoge dichtheid bereikten, en enkele leuke soorten die zich voor oktober gewoon meer dan gemiddeld lieten bewonderen, zoals de Kuifmees en de Ringmus. En dan zijn er natuurlijk nog wat kersen op het taarttoetje, zoals het Smelleken, de Grote pieper en het Paapje in kavel 13S, de drie Bonte strandlopers in kavel 14, de Rode wouw en het Bokje in kavel 15, de Oeverloper in kavel 45 en de Kleine barmsijs in kavel 33, nog los van de late Kleine karekiet en Fitis (in resp. de kavels 14 en 1A). We hebben - kortom - vast wel weer een zekere bijdrage aan het 5.000-soortenjaar dat voor 2018 over het Nationaal Park ‘Hollandse Duinen’ in oprichting is uitgeroepen, weten te leveren.

Brandgans. Foto: Jan Westgeest

De totale vogeldichtheid is zeker niet hoog te noemen voor oktober, maar er is ook niet veel over te zeggen. Want trekkende vogels kunnen vooral in deze maand gemakkelijk bij de telling getrokken worden en relatief kleine individuele interpretatieverschillen van tellers kunnen dan aanzienlijke gevolgen in de eindresultaten laten zien.

Erg weinig merels

Een erg lage dichtheid is er wederom voor de Merel gevonden. Deze soort, die voor een deel tot de trekvogels behoort, komt nu vanuit het noorden langs of aan. Maar in september hadden we al een enorme terugval geconstateerd en besproken. Mogelijk zijn veel van de normaliter blijvende exemplaren intussen dood. Een tweede soort met opvallend lage dichtheid is de Wilde eend. Mogelijk weet deze soort z’n heil nog ruim voldoende in het ‘achterland’, de polder, te kunnen vinden onder de almaar voortdurende fraaie weersomstandigheden. Het knelt overigens wel een beetje om zo warm over deze omstandigheden te spreken; zij leveren immers weliswaar een prettige momentane ervaring op maar vrijwel iedereen beseft ook de moeilijke ‘klimaatkant’ hiervan. Toch draagt het tijdens het tellen zelf voor veel tellers ongetwijfeld bij aan een positief gevoel.

Jan Westgeest (westgeest.jan@gmail.com)