Westelijk tegen de Vlakte van Waalsdorp aan ligt kavel 83, een grotendeels open gebied met hier en daar een stukje bos en praktisch zonder oppervlaktewater.
In het kavel vinden sinds 1990 onafgebroken broedvogelinventarisaties plaats. Eerder, in de tachtiger jaren is er minder regelmatig (vijf keer) geïnventariseerd.
Fitis, Grasmus, Tjiftjaf, Nachtegaal, Heggenmus en Winterkoning zijn er in het broedseizoen de meest voorkomende soorten. Andere veel voorkomende soorten zijn de Koolmees, de Pimpelmees, de Merel en de Zwartkop. Ook een handvol Boompiepers, Braamsluipers en Roodborsten keren jaarlijks weer.
Verdwenen zijn hier de Kauw, de Spreeuw en – zoals overal in Meijendel – de Tapuit en de Barmsijs. Na meer dan 10 jaar afwezigheid verscheen er in 2002 weer een Boomleeuwerik en die is in de jaren daarop met enkele territoria aanwezig gebleven.
Sinds 2011 wordt het kavel ook geïnventariseerd op verblijvende vogels in najaar en winter. Dan komen grote zwermen lijsterachtigen - vooral koperwieken - af op de bessen van de meidoorns.