In de Bierlap, grenzend aan het golfterrein, ligt kavel 64, open terrein afgewisseld met stukken bos. Oppervlaktewater is er niet, maar aan gevleugelde fauna geen gebrek.
Ieder voorjaar van 1973 t/m 1993 is er geïnventariseerd; daarna sinds 2001 bijna jaarlijks.
De kleine Fitis is er in grote aantallen. De Nachtegaal, de Grasmus, de Merel, de Heggenmus en de Tjiftjaf volgen op enige afstand; Roodborst, Koolmees, Winterkoning, Gekraagde roodstaart en Zwartkop op grotere. Maar ook Pimpelmezen, Houtduiven, Sprinkhaanzangers, Vinken, Fazanten, Spechten en bijv. Boompiepers zijn hier jaarlijks in het broedseizoen aanwezig. Kortom volop bos- en struweelvogels.
In de winter komen er naast de gebruikelijke bosvogelsoorten ook geregeld Houtsnippen en Goudvinken voor. Verder laat de Buizerd zich dan geregeld waarnemen.