Dit kavel ligt in de vallei Meijendel, niet ver van de boerderij. Het bevat geen open water maar er is wel aardig wat bos, afgewisseld met enkele meer open stukken terrein.
Het wordt sinds 1995 nogal onregelmatig geïnventariseerd op broedvogels. In 1987 was dit ook één keer gebeurd.
Kauw, Merel, Houtduif en Koolmees zijn in de lente de meest voorkomende soorten, gevolgd door Pimpelmees, Spreeuw, Winterkoning, Tjiftjaf en Roodborst. Maar ook andere bosvogels (mezen, spechten, Zwartkop, Boomklever, Boomkruiper, Gaai en bijv. ook de Zanglijster) zijn hier vanzelfsprekend goed vertegenwoordigd. Verder zijn hier meerdere jaren territoria vastgesteld van de Buizerd en de Bosuil.
Goudhaantjes worden er vooral in herfst en winter waargenomen, evenals af en toe Kepen en Sijzen, uiteraard naast veel van de soorten die al waren genoemd voor de broedtijd.