Halverwege het fietspad Wassenaarse slag – Scheveningen ligt kavel 17B, aan de westkant. Het bevat in vergelijking met vele andere kavels vrij veel oppervlaktewater.
Sinds 1992 is het kavel onafgebroken afzonderlijk geïnventariseerd.
Fitis, Grasmus, Heggenmus, Kleine karekiet en Nachtegaal vormen in het broedseizoen de hoofdbewoners en op het water de Meerkoet. De Merel en de Braamsluiper bezetten ongeveer een handvol territoria. De Tjiftjaf en de Winterkoning zijn in 2005 teruggevallen naar eveneens een handvol territoria, maar zij waren in de jaren daarvóór meer vertegenwoordigd. Meestal zijn ook twee paartjes Blauwborsten aanwezig.
De Fazant is hier in het broedseizoen al sinds 2002 niet meer waargenomen, wel af en toe in het (late) najaar. In herfst en winter overheersen de watervogels (eenden, meerkoeten e.d.) in aantallen.
Een apart vermeldenswaardige waarneming is het duo Baardmannetje in november 2004.